EeuwZeevisserij03092009De Noordzee is een randzee van de Atlantische Oceaan met een gemiddelde diepte van 94 meter.

De Noordzee telt ook talloze zandbanken die een probleem vormen voor de scheepvaart. Ten zuiden van de Doggersbank bedraagt de diepte op de meeste plaatsen minder dan 50 meter.

Een zandbank is een ophoping van zand op de bodem van een zee of meer. De zandophoping blijft meestal onder het wateroppervlak en is daarom bijzonder gevaarlijk voor de scheepvaart. 

Een zandbank ontstaat meestal door natuurlijke stromingen. De Thorntonbank is een voorbeeld van, één van de zandbanken, voor de Belgisch/Nederlandse kust.

Op de website Meetnet Vlaamse Banken vind je een mooi kaartje van de zandbaken voor onze kust en kan je de gegevens van de meetstations bekijken door aanklikken van de naam onderaan het kaartje.

Vanaf ca. 1864 werden voor de Belgische kust lichtschepen ingezet om met hun lichtbaken deze Vlaamse zandbanken aan te geven voor het verkeer op zee. 

De drijvende vuurtorens, Westhinders 1, 2 en 3 werden vanaf 1950 in de vaart genomen en gebouwd in 1950 op de werf van Béliard-Crighton in Oostende. Ze werden ingezet als licht- en observatieschip, stationair aan de West-Hinderbank of de Wandelaar voor de Belgische kust.
De negenkoppige bemanning verbleef wekenlang op het lichtschip om dag en nacht voorbijvarende schepen te waarschuwen voor de zandbanken (Westhinder) voor de kust. Ook werden meteorologische gegevens verzameld en het zeewater gecontroleerd op vervuiling.

     
     

De Westhinder schepen bestaan uit een geklonken stalen romp en opbouw met een tonnage van 419 brutoton. De motor is een werkspoor diesel TMAFS 274 van 230 pk bij 300 omwentelingen per minuut en word met een Brevo type 616 keerkoppeling aan de schroefas ghekoppeld. De West-Hinder heeft drie masten en de centrale mast is uitgerust met een lichtbaken. Electriciteit word opgewekt met behulp van twee dieselaggregaten van de firma Deutz, type F3L912 gekoppeld met gelijkstroom dynamo’s van 110v, ACEC type CV 406 B3 (21,5kw bij 1000 t/m). Een derde is gekoppeld aan een compressor.

De schepen waren uitgerust om negen bemanningsleden en materiaal te herbergen. Op het bovendek bevindt zich het stuurhuis, de radiokamer en een centrale ruimte voor de bediening van de lichtsignalen. Het hoofddek is ingedeeld in een werkplaats, kajuit voor de schipper, twee kajuiten voor de machinisten, een kajuit voor de hulpmachinist, een kajuit voor de stoker, drie kajuiten met twee bedden voor de matrozen, de mess voor de officieren, de mess voor de bemanning, een kombuis met koelkamer, twee badkamers met toilet en een lampen- en verfhok.
Onder het hoofddek bevinden zich onder meer een magazijn voor machineonderdelen, het batterijlokaal, de machinekamer, een ruim en tanks voor ballast, zoetwater en brandstof.

Geleidelijk werden de bemande lichtschepen vervangen door onbemande lichtplatforms, de Westhinder 3 was het laatst bemande lichtschip dat voor de Belgische kust dienst deed. Het werd op 12 mei 1995 door de Vlaamse overheid aan de Stad Antwerpen in bruikleen overgedragen. Het schip maakt deel uit van de collectie van het Museum aan de Stroom (MAS). Sinds 2008 is het schip niet meer toegankelijk. Is hier te vinden in de Inventaris Onroerend Erfgoed.

Het lichtschip werd vervangen door een goedkoper elektronisch lichtplatform MP7. 

meetwaarden westhinder meetpaal 11 april 2017 14 15 uur

 

Deze geautomatiseerde meetpaal ter hoogte van de Westhinder zandbank vervangt sinds halfweg de jaren negentig het lichtschip "De Westhinder". 

De Westhinder MP7 meet het volgende:


- getijhoogte
- gemiddelde windsnelheid
- gemiddelde windrichting
- maximale windsnelheid
- zeewatertemperatuur
- luchtdruk
- luchttemperatuur

 

 

 

 

 

   
© ON4AWT